Nieuwsbrief

Wijs op werk #60: Wat er niet staat

Vijftien minuten in een kale kamer. Geen smartphone, geen boek, geen pen. Om je enkel een band, voor je een knop. Wie erop drukt, krijgt een milde elektrische schok.

Zo zag het experiment eruit dat psycholoog Timothy Wilson in 2014 in Science publiceerde. Het passeerde onlangs in mijn LinkedIn-tijdlijn. Bij wie, weet ik niet meer; het algoritme onthoudt dat beter dan ik. Anyway, de conclusie die bleef hangen: twee op de drie mannen en een kwart van de vrouwen gaven zichzelf minstens één schok, liever dan een kwartier alleen te zitten met hun eigen gedachten. Zo verslaafd zijn we aan prikkels. Liever pijn dan stilte.

Ik las het en dacht meteen: ik had ook gedrukt.

Niet uit verveling. Uit nieuwsgierigheid. Hoe mild is mild? Noemt een onderzoeker hetzelfde mild als ik? Een tweede keer dan, om te voelen of het dan meer of minder meevalt. Een derde en een vierde, met telkens een andere tussenpoos, want misschien is er een cumulatief effect. (Ik besef dat dit meer over mij zegt dan over de mensheid.)

Eén deelnemer drukte 190 keer. Wilson, tegenover de BBC: “I’m not sure what was up with him.”

Mijn eerste reflex: waarom heb je het hem dan niet gewoon gevraagd?!

Mijn tweede reflex kwam pas toen ik het artikel opnieuw en trager las (ter voorbereiding van dit essay). De deelnemers hadden vooraf al een proefschok gekregen, en enkel wie verklaarde geld over te hebben om er geen tweede te krijgen, telde mee. De man van 190 hoorde daarbij. Hij wist perfect hoe het voelde, en had gezegd dat hij zou betalen om het niet opnieuw te voelen.

Mijn eerste reden viel daarmee dus weg. De andere bleven wel staan, want over herhaling, ritme en gewenning zegt één proefschok niets. Maar het was wel even confronterend voor mij. Ik verweet Wilson namelijk dat hij niet had gevraagd waarom. Zelf had ik het evenmin gevraagd. Ik had gewoon aangenomen dat die mensen dezelfde motiveringen zouden hebben als ik.

Wie op de knop drukt, kan niet met zichzelf alleen zijn, volgens Wilson. Als ík op de knop druk, is dat wetenschappelijke interesse, obviously. Twee verklaringen voor dezelfde knop, en geen van beide gevraagd aan wie erop drukte.

Een knop, een teller, en geen reden erbij: dan leveren we die reden zelf wel. Ook “liever pijn dan stilte” is zo’n meegeleverde reden. Wat gemeten werd, was enkel hoe vaak er gedrukt werd.

Donderdag stond ik op de Prenne in Kortrijk, voor een zaal preventieadviseurs. Het onderwerp was re-integratie, en de wetgeving hield ik bewust kort. Waar ik wel telkens op terugkwam: schrijf niet alleen op wát je gedaan hebt, maar ook waarom.

Want als een dossier ooit misloopt, leest iemand het na. Een advocaat van de tegenpartij, een rechter. Twee jaar later, drie, soms acht. Wat ik werkgevers dan zie verliezen, is zelden dat er geen procedure bestond; maar eerder omdat ze niet konden aantonen dat die gevolgd werd, of waarom ze er op een bepaald moment van afweken. Een beleid op papier schept verwachtingen. Wie niet kan tonen wat ze ermee deden, heeft vooral de maatstaf aangereikt waaraan ze zelf gemeten worden.

Als de redenering ontbreekt, dan vult iemand anders ze in. De advocaat van de tegenpartij doet dat op de manier die hun cliënt het best uitkomt; dat is hun job. De rechter doet het met wat er in het dossier ligt. Quod non est in actis, non est in mundo, zeggen juristen graag (en ze overdrijven maar een klein beetje). Het is wat Wilson deed met zijn man van 190, en wat ik deed met Wilson: een verklaring zoeken met de informatie die voorhanden is.

Ik hoor geregeld de omgekeerde reflex: zet niet te veel op papier, straks wordt het tegen je gebruikt. Ik begrijp die. Ik schreef deze zomer zelf nog dat zwijgen soms zorg kan zijn. Maar iets nog niet zeggen omdat het moment niet rijp is, verschilt grondig van je beweegredenen nergens achterlaten. Wie zwijgt, beschermt de mens tegenover zich. Wie niets opschrijft, laat iedereen onbeschermd achter, zichzelf incluis.

Opschrijven waarom is ook transparantie. Met wat vertraging.

Mocht Wilson ooit een vervolgstudie opzetten: ik stel me kandidaat. Druk ik 190 keer, dan laat ik een briefje achter waarin staat waarom.


Deze week zette ik zeven artikels online:

  1. Uw stofbeleid dekt dit niet: precair werk verhoogt het COPD-risico met 39 procent – Precaire tewerkstelling hangt samen met aanzienlijk meer COPD, en dat verschil blijkt nauwelijks verklaard door blootstelling aan stof en chemicaliën: vooral laag inkomen springt eruit.
  2. Schaarse arbeidsartsencapaciteit: wat de Europese enquête over België leert – België rapporteert duizend arbeidsartsen, maar de beschikbare capaciteit ligt in VTE een stuk lager, terwijl bijna heel Europa met hetzelfde specialistentekort worstelt.
  3. Zes onderzoeken, vijf uitkomstmaten, dezelfde bovenliggende factor – Van depressie en verzuim tot werkstress en loopbaanduur: in uiteenlopende onderzoeken komt telkens opnieuw dezelfde factor boven, namelijk hoeveel controle medewerkers over hun eigen werk hebben.
  4. Arbeidsongeschikt door het gedrag van collega’s is geen handicap: het arbeidshof van Brussel trekt een grens – Jarenlange arbeidsongeschiktheid volstaat niet om juridisch van een handicap te spreken wanneer de beperking verdwijnt zodra de medewerker in een andere werkomgeving terechtkomt.
  5. België telde negentien gevallen van luchthavenmalaria, en twee doden bij Zaventem – Luchthavenmalaria is uiterst zeldzaam, maar België telt negentien geregistreerde gevallen en twee doden die vrijwel zeker teruggaan op één besmette mug via Zaventem of Melsbroek.
  6. De machine liep zes weken geregeld vast, en dat was het signaal – Een machine die telkens vastloopt en een toegangspoort die steeds moeilijker opent, maken het omzeilen van de beveiliging voorspelbaar lang vóór iemand zwaar gewond raakt.
  7. Arbeidsongeval: De omkasting stond er, de achterpoort was open – Een volledige machineomkasting bood geen bescherming zolang één niet-vergrendelde achterpoort toeliet dat iemand binnen stond terwijl een collega de installatie opnieuw kon starten.

Wekelijks een persoonlijk essay plus het artikeloverzicht in je mailbox? Schrijf je in via onderstaande link.