Een medewerker vraagt of die aangepaste steunzolen in zijn veiligheidsschoenen mag dragen. De preventieadviseur vraagt een attest van de huisarts als bewijs dat die aanpassing medisch nodig is. Die reflex is begrijpelijk en ze levert een probleem op. Zo’n attest bevat een gezondheidsgegeven, terwijl de werkgever die medische reden meestal niet nodig heeft om hun verplichtingen na te komen. Voor die vertaalslag tussen gezondheid en werk bestaat de arbeidsarts.
Een aangepaste binnenzool is niet automatisch zelf een PBM
Bart Vanraes, freelance preventieadviseur, zette in april 2024 op LinkedIn een aantal Belgische regels rond aangepaste inlegzolen en veiligheidsschoenen op een rij. De werkgever moet geschikte persoonlijke beschermingsmiddelen gratis ter beschikking stellen. Daarbij houdt men rekening met de kenmerken van de werkpost en met de individuele drager. Een aangepaste binnenzool mag de beschermende eigenschappen van de schoen niet aantasten.
Dat laatste bepaalt hoe de vraag correct gesteld wordt. Een orthopedische binnenzool kan een medisch hulpmiddel zijn dat aan een veiligheidsschoen wordt toegevoegd. De vraag gaat dan over de combinatie: biedt de schoen met die zool nog de vereiste bescherming? Dat is een technische vraag voor de leverancier of de fabrikant. Zij moeten kunnen aangeven welke aangepaste inlegzolen met een bepaald model gecombineerd mogen worden en onder welke voorwaarden.
Daarmee blijft nog een andere vraag open: Wie beoordeelt wat een gezondheidsprobleem betekent voor het werk en voor het noodzakelijke PBM?
Lees ook: Nieuw KB Persoonlijke beschermingsmiddelen (2021)
De arbeidsarts levert de functionele conclusie, de werkgever krijgt geen diagnose
Een werknemer met gezondheidsklachten die mogelijk met het werk verband houden, kan rechtstreeks een spontane raadpleging bij de arbeidsarts vragen. Daarvoor is zelfs geen toestemming van de werkgever nodig, maar uiteraard kan het ook via deze weg. De huisarts, de specialist of de podoloog onderzoekt en behandelt de aandoening. De arbeidsarts vertaalt die situatie naar de werkpost en beoordeelt of aangepast schoeisel, een orthopedische binnenzool of een andere maatregel nodig is.
Op het formulier voor de gezondheidsbeoordeling hoort geen diagnose te staan. De werkgever krijgt de functionele informatie, nodig om te handelen. Dat verandert ook de aard van het gesprek. De medewerker hoeft hun voetprobleem niet uit te leggen aan de leidinggevende, de preventieadviseur hoeft niet te beoordelen of een verklaring volstaat, en aankoop archiveert geen medische documenten.
Een attest over medische noodzaak is een gezondheidsgegeven, ook zonder diagnose
Een briefje waarop staat dat steunzolen medisch aangewezen zijn, valt onder de bijzondere categorie gezondheidsgegevens van de AVG. Dat betekent niet dat een werkgever zulke gegevens nooit mag verwerken. Er gelden wel strengere voorwaarden: een geldige rechtsgrond, een noodzakelijke verwerking en passende waarborgen.
Een attest dat in een mailbox, een personeelsdossier of een aankoopdossier belandt, voldoet daar zelden aan. De werkgever heeft de medische reden doorgaans niet nodig. Men moet weten welke aanpassing voor het werk noodzakelijk is. Via de arbeidsarts blijft de informatie beperkt tot wat functioneel nodig is, wat aansluit bij het principe van minimale gegevensverwerking.
Wie de werknemer laat voorschieten, legt de drempel bij de koopkracht
Soms wordt voorgesteld om de medewerker de aangepaste zool eerst privé te laten regelen en betalen, en daarna een bewijs van medische noodzaak te vragen. De werkgever moet een geschikt PBM kosteloos ter beschikking stellen. Is een standaardmodel voor een bepaalde werknemer niet geschikt, dan kan die de werknemer daar niet mee laten zitten.
Dat betekent niet dat elke persoonlijke steunzool die iemand ook buiten het werk gebruikt integraal ten laste van de werkgever valt. De werkgever moet instaan voor de oplossing die op het werk geschikte en conforme voetbescherming oplevert. Een systeem met voorschot verschuift die verantwoordelijkheid. Wie de kost gemakkelijk draagt, zet de aanvraag door. Wie dat niet kan, blijft langer in ongeschikt schoeisel werken.
Een slecht passende schoen is een probleem van de PBM-keuze
Ik schreef in 2007 al dat ik weinig voelde voor arbeidsgeneeskundig advies over aangepast schoeisel bij elke klacht over zweetvoeten. De bezorgdheid daarachter blijft gelden: wie voor elk ongemak een medische route opent, ziet het aantal spontane consultaties oplopen. Comfortklachten zijn daarom nog niet betekenisloos. Een PBM moet ook geschikt zijn voor de drager, met aandacht voor ergonomie en comfort.
Het onderscheid zit in de route. Klachten over pasvorm, drukpunten of draagcomfort horen bij de keuze en de evaluatie van het schoenmodel. Vinden meerdere medewerkers dezelfde schoen onaangenaam, dan is het model zelf aan herziening toe. Een gezondheidsprobleem waarvoor een individuele aanpassing nodig is daarentegen, loopt via de arbeidsarts.
Lees ook: Chemische producten: het juiste paar handschoenen maakt het verschil
Vijf zaken die u regelt voor de eerste aanvraag binnenkomt
- Neem in de PBM-procedure op dat vragen waarbij een gezondheidsprobleem mogelijk een individuele aanpassing vereist, naar de arbeidsarts gaan. Bewaar medische attesten niet in personeels-, preventie- of aankoopdossiers.
- Vraag bij de selectie van veiligheidsschoenen aan de leverancier welke aangepaste inlegzolen zijn toegelaten, volgens welk aanpassingsprotocol ze vervaardigd moeten worden en hoe de conformiteit van de combinatie behouden blijft. Leg dat vast in de aankoopprocedure of op de bestelbon.
- Voorzie vooraf een aankoop- en betalingsproces voor individueel aangepaste voetbescherming, zodat niet bij elke aanvraag opnieuw onderhandeld moet worden over wie bestelt en wie betaalt.
- Volg ook gewone comfort- en pasvormklachten op. Veel vragen over aangepaste zolen kunnen wijzen op het schoenmodel zelf.
- Bespreek die trends in het CPBW, voldoende geaggregeerd zodat individuele medewerkers niet herkenbaar worden.

De rolverdeling is in België vrij duidelijk. De huisarts of specialist behandelt de patiënt, de arbeidsarts beoordeelt wat de gezondheidstoestand betekent voor het werk, en de werkgever handelt op basis van die functionele aanbeveling. Blijft over wat de leverancier moet aanleveren: welke aangepaste inlegzolen met een bepaald model gecombineerd mogen worden zonder verlies van bescherming. Is die vraag in uw organisatie vandaag beantwoord?
Wekelijks een persoonlijk essay plus het artikeloverzicht in je mailbox? Schrijf je in via onderstaande link.