Artikel

Nieuwe NACE-codes, dezelfde tariefgroep – tenminste wanneer de hoofdactiviteit niet verandert

De Hoge Raad voor Preventie en Bescherming op het Werk bracht op 26 juni 2026 een unaniem positief advies uit (advies nr. 283) over een ontwerp van koninklijk besluit dat bijlage II.3-1 van de codex over het welzijn op het werk wijzigt. Die bijlage deelt werkgevers in vijf tariefgroepen in volgens hun hoofdactiviteit.

De FOD Werkgelegenheid kondigde eind 2024 al aan dat de bijlage in de loop van 2025 zou worden aangepast; het ontwerp bereikte de Hoge Raad pas in maart 2026. In de tussentijd was de toelichting op de website van de FOD het enige houvast voor wie met een gewijzigde code werd geconfronteerd.

Het advies is positief onder voorbehoud van enkele opmerkingen, met één essentieel uitgangspunt: een gewijzigde NACE-code mag op zichzelf niet leiden tot een andere tariefgroep. De NACE-code is indicatief, de hoofdactiviteit is doorslaggevend. Blijft die hoofdactiviteit dezelfde, dan blijft ook de tariefgroep dezelfde, ook al verandert de eraan gekoppelde code.

Lees ook: Hoe de vernieuwde NACE-codes en indexering de tarieven van preventiediensten (niet) beïnvloeden

Wat betekent dit voor de preventieadviseur?

Let op: dit is een advies over een ontwerp. Advies nr. 283 wijzigt de codex niet zelf. Het is overgemaakt aan de minister van Werk; pas het definitieve koninklijk besluit kan bijlage II.3-1 formeel aanpassen. Controleer daarom vóór toepassing of en wanneer dat besluit is gepubliceerd.

Voor de opvolging van de aansluiting bij de externe dienst:

  • Ga na of alleen de NACE-code wijzigde, of ook de feitelijke hoofdactiviteit van de juridische entiteit.
  • Vraag de externe dienst welke tariefgroep die vóór en na de omzetting naar NACE-BEL 2025 registreert.
  • Vergelijk niet alleen de bedragen op de facturen: die kunnen door indexering wijzigen terwijl de tariefgroep gelijk blijft.
  • Controleer of het overeengekomen niveau van dienstverlening ongewijzigd blijft.
  • Vraag een schriftelijke motivering wanneer de tariefgroep toch is aangepast.
  • Stem zo nodig af met HR, Finance of wie het contract met de externe dienst beheert.

Dit sluit aan bij de opdracht die het advies aan de externe diensten geeft: zij mogen hun dienstverlening niet aanpassen louter omdat een code wijzigt, en moeten hun aangesloten ondernemingen daarover voldoende informeren.

Waarom de bijlage verandert

Sinds 1 januari 2025 geldt de NACE-BEL 2025, het gevolg van Gedelegeerde Verordening (EU) 2023/137, die de Europese classificatie van economische activiteiten (NACE Rev. 2) wijzigt. Bijlage II.3-1 verwijst in de derde kolom nog naar de indicatieve codes van de NACE-BEL 2008. Zonder aanpassing zouden bepaalde codes uit de nieuwe nomenclatuur onder geen enkele indicatieve code van de bijlage vallen. Het ontwerp actualiseert die derde kolom en stemt een aantal omschrijvingen van de hoofdactiviteit in de tweede kolom af op de bewoordingen van de verordening.

De tariefgroep bepaalt de forfaitaire minimumbijdrage die een werkgever per werknemer aan hun externe dienst betaalt, en daarmee ook het pakket prestaties waarop die recht heeft. Volgens de codex en de toelichting van de FOD Werkgelegenheid is de hoofdactiviteit de activiteit die door het grootste aantal werknemers wordt uitgevoerd, beoordeeld op het niveau van de juridische entiteit waarmee het contract is gesloten. De indicatieve codes helpen die hoofdactiviteit te bepalen, maar zijn niet zelf het criterium. De Hoge Raad vraagt de minister dan ook na te gaan hoe kan vermeden worden dat een codewijziging toch tot een andere tariefgroep leidt. Een concreet mechanisme daarvoor bevat het advies niet.

Lees ook: Een nieuw KB over de tarieven en prestaties van de externe diensten?

Het voorbeeld van zandstralen

De Hoge Raad werkt één casus uit. Gevelreiniging door middel van zandstralen met behulp van stoom viel onder de NACE-BEL 2008 onder code 43.992, en dus onder tariefgroep 5, waarin de bouwsector is opgenomen. Onder de NACE-BEL 2025 verhuist die activiteit naar code 81.220 (overige reiniging van gebouwen; industriële reiniging), waarvan de indicatieve code in tariefgroep 4 zit.

Toch blijft volgens de Hoge Raad tariefgroep 5 van toepassing! Code 81.220 omvat uiteenlopende reinigingsactiviteiten waarvan de risico’s niet noodzakelijk vergelijkbaar zijn. Bij gevelreiniging door zandstralen blijven de activiteit en de eraan verbonden risico’s echter vergelijkbaar met die in de bouwsector. Het voorbeeld toont waar een indeling op basis van statistische codes botst met een indeling op basis van risico.

Van beschutte werkplaatsen naar maatwerkbedrijven

Naast de opmerkingen over de tariefgroepen vraagt de Hoge Raad een terminologische aanpassing. In de Nederlandstalige versie van bijlage II.3-1 moeten de woorden “Beschutte en sociale werkplaatsen” vervangen worden door “maatwerkbedrijven”. Die term sluit aan bij het Vlaamse decreet betreffende maatwerk bij collectieve inschakeling en legt meer nadruk op de mogelijkheden van de werknemers en de flexibiliteit van het aangeboden werk. Het gaat om de benaming, niet om een andere tariefgroep.

Merk op dat de codex federaal is, terwijl “maatwerkbedrijven” een begrip uit Vlaamse regelgeving is. Voor Nederlandstalige werkgevers buiten Vlaanderen is dat een aandachtspunt.

Stand van zaken

Het advies is overgemaakt aan de minister van Werk. Een publicatiedatum en een datum van inwerkingtreding van het definitieve koninklijk besluit zijn er nog niet. Het advies bevat evenmin een overgangsregeling of een technische waarborg die een automatische verschuiving van tariefgroep uitsluit. Zolang die er niet is, ligt de controle bij de werkgever en de externe dienst zelf.

Wekelijks een persoonlijk essay plus het artikeloverzicht in je mailbox? Schrijf je in via onderstaande link.