Preventiediensten in Frankrijk: Lessen voor België
Created on 2025-02-17 12:33
Published on 2025-02-18 07:00
Recent is een 58 pagina’s tellend rapport verschenen met de activiteiten van de Franse preventiediensten in 2023. De Franse aanpak van preventie en gezondheid op het werk biedt inzichten voor de Belgische preventiediensten en voor de beleidsmakers. De hervorming van 2021 heeft in Frankrijk geleid tot een versterking van multidisciplinair samenwerken, betere risicopreventie en aandacht voor re-integratie. Ik licht de belangrijkste punten hieronder verder toe.
Structuur en organisatie van de Franse preventiediensten
In Frankrijk opereren de Services de Prévention et de Santé au Travail (SPST), vergelijkbaar met de Belgische externe preventiediensten. Ze begeleiden zowel grote als kleine bedrijven en zijn onderverdeeld in interprofessionele (SPSTI) en autonome diensten (SPSTA), afhankelijk van het aantal werknemers en de sector.
Belangrijke cijfers uit 2023:
-
18,5 miljoen werknemers worden door de SPSTI en SPSTA opgevolgd.
-
77,6% van de ondernemingen onder hun toezicht zijn kleine bedrijven met minder dan 10 werknemers.
-
40% van de medische onderzoeken wordt uitgevoerd door bedrijfsverpleegkundigen.
De Franse overheid voert jaarlijks een nationale enquête uit om de werking en effectiviteit van deze diensten te meten. Dit draagt bij aan transparantie en uniforme werkwijzen.
Kerntaken: Van risicopreventie tot re-integratie
Net als in België staan preventiediensten in Frankrijk in voor een breed scala aan taken, met drie speerpunten:
1. Preventie van beroepsrisico’s:
-
Begeleiding bij risicoanalyse en actieplannen.
-
Ondersteuning bij de implementatie van het Document Unique d’Évaluation des Risques Professionnels (DUERP), de Franse tegenhanger van de Belgische risicoanalyse.
2. Individuele gezondheidsopvolging:
-
Medische en verpleegkundige consultaties.
-
Toegenomen delegatie van taken naar verpleegkundigen; een trend die in België ook steeds vaker voorkomt.
3. Voorkomen van professionele uitsluiting:
-
Actieve rol in re-integratietrajecten (PDP: La prévention de la désinsertion professionnelle).
-
Specifieke initiatieven zoals de mid-carrière check-up, een evaluatiemoment op het midpunt van de loopbaan.
Governance en financiering
De governance van de SPST omvat een raad van bestuur met vertegenwoordiging van werkgevers en werknemers, aangevuld met een medische commissie. Net als in België kampen de diensten met uitdagingen op vlak van personeelstekort, vooral bij arbeidsartsen.
Qua financiering zijn de SPST grotendeels afhankelijk van bijdragen van werkgevers, net zoals de Belgische externe preventiediensten. De Franse staat volgt de kosten jaarlijks op en publiceert een nationale benchmark voor de prijszetting.
Wat kan België leren?
-
Meer multidisciplinair werken: Het Franse model stimuleert nauwe samenwerking tussen artsen, verpleegkundigen en preventieadviseurs. In België kan een verdere uitbreiding van verpleegkundige bevoegdheden een oplossing zijn voor het tekort aan arbeidsartsen.
-
Betere opvolging van re-integratie: Frankrijk zet in op vroegtijdige signalering en aangepaste trajecten, terwijl in België re-integratie nog te vaak juridisch of administratief wordt benaderd.
-
Uniforme monitoring en benchmarking: De systematische opvolging van prestaties en kosten in Frankrijk zorgt voor meer transparantie en kan een inspiratiebron zijn voor België.
Conclusie
De Franse hervorming heeft geleid tot een dynamischer en meer toekomstgericht preventiemodel. Voor Belgische preventiediensten én voor beleidsmakers kan dit inspirerend zijn om verdere stappen te zetten in multidisciplinair werken, een efficiëntere organisatie en een sterkere rol in re-integratie.
Een reactie achterlaten