
Digitale technologieën zoals artificiële intelligentie, augmented reality, drones en cobots bieden reële kansen om onderhoudswerk veiliger en efficiënter te organiseren. Maar zonder doordachte voorbereiding, betrokkenheid van het werkveld en aandacht voor nieuwe risico’s dreigen ze vooral oude problemen in een nieuw jasje te steken. Zo stelt een nieuw overzichtsartikel van INRS France.
Van sciencefiction naar werkvloer
Een technicus krijgt via een smartwatch een alarm, analyseert machinegegevens op een draagbare tablet, roept de hulp in van een expert op afstand via slimme brillen en verifieert met één klik of alle energiebronnen veilig zijn uitgeschakeld. Het klinkt futuristisch, maar in sommige bedrijven is dit vandaag al dagelijkse realiteit.
Nieuwe digitale tools doen hun intrede in onderhoudsactiviteiten in zowat alle sectoren: industrie, energie, bouw, infrastructuur. Ze beloven snellere interventies, minder stilstand en (minstens even belangrijk) meer veiligheid. De vraag is niet of ze komen, maar hoe ze worden ingevoerd.

Dankzij een drone is het mogelijk om installaties te inspecteren zonder op hoogte te moeten werken. Van: INRS.
Onderhoud: een structureel risicovolle activiteit
Onderhoudswerk blijft één van de meer risicovolle activiteiten op de werkvloer. Complexe installaties, aanwezigheid van verschillende energievormen (elektrisch, hydraulisch, mechanisch), werken in besloten ruimtes of op hoogte, tijdsdruk en onderaanneming maken het risico op ongevallen reëel.
Recente cijfers tonen aan dat de frequentie van arbeidsongevallen in onderhoud hoger ligt dan het gemiddelde, met bovendien een disproportioneel aandeel ernstige en dodelijke ongevallen. Vaak ligt de oorzaak niet in techniek, maar in organisatie: onvoldoende voorbereiding, gebrekkige consignatie, onduidelijke verantwoordelijkheden of gebrekkige informatieoverdracht.
Dat maakt meteen duidelijk waarom nieuwe technologieën zo aantrekkelijk zijn. Ze lijken een antwoord te bieden op precies die knelpunten.
Wat kunnen nieuwe technologieën écht betekenen?
1 Minder blootstelling aan klassieke risico’s
Drones maken inspecties op hoogte mogelijk zonder ladders of steigers. Sensoren en AI-systemen kunnen afwijkingen detecteren vóór ze tot gevaarlijke storingen leiden. Remote support laat toe expertise in te schakelen zonder extra verplaatsingen.
2 Betere voorbereiding en besluitvorming
Data-analyse en voorspellend onderhoud helpen om interventies beter te plannen. Minder improvisatie betekent minder blootstelling aan risico’s. In theorie althans.
3 Kennis delen, ook op afstand
Met visio-assistentie kan een expert op afstand een technicus begeleiden. Dat kan vooral waardevol zijn bij zeldzame of complexe interventies, zeker in een context van schaarste aan gespecialiseerde profielen.
… maar technologie is geen wondermiddel
Hier past enige nuchterheid. Marketingverhalen lopen nogal eens vooruit op de realiteit van verouderde installaties, beperkte data en onderbezette teams. “Industrie 5.0” klinkt mooi, maar de basis moet wem kloppen.
De onderzoekers van INRS wijzen ook op nieuwe risico’s die met technologie meekomen:
- Cognitieve belasting en afleiding. Slimme brillen en real-time meldingen kunnen het zicht beperken of de aandacht afleiden, met valrisico’s tot gevolg.
- Nieuwe psychosociale risico’s. Continue monitoring en meekijken op afstand kunnen ervaren worden als controle, met meer druk en minder autonomie.
- Vervaging van competentiegrenzen. Wanneer productiepersoneel, ondersteund door een expert op afstand, onderhoudstaken uitvoert zonder voldoende opleiding, stijgt het risico aanzienlijk.
- Schijnveiligheid. Automatische consignatie of AI-advies kan leiden tot blind vertrouwen, terwijl kritische menselijke checks net cruciaal blijven.
Technologie kan risico’s verminderen, maar ze kan ze ook verplaatsen of vermenigvuldigen. Zo heeft de EU-OSAH in 2023 bijvoorbeeld nog een discussienota geschreven over de risico’s van drones.

Terug naar de basis van preventie
Voor preventieadviseurs ligt hier een duidelijke opdracht. De introductie van nieuwe technologie is geen IT-project, maar een organisatieverandering.
Enkele aandachtspunten:
- Analyseer eerst de nood. Welk probleem willen we oplossen? Voor wie? In welke context?
- Betrek het werkveld. Technici en andere betrokkenen kennen de realiteit van de interventies. Hun feedback is onmisbaar.
- Test en evalueer. Start kleinschalig, monitor effecten op veiligheid, werkdruk en samenwerking, en stuur bij.
- Investeer in competenties. Technologie vraagt nieuwe vaardigheden, maar vervangt nooit basiskennis van risico’s en veilige werkmethodes.
- Blijf evalueren. Ook op langere termijn, want sommige effecten tonen zich pas na verloop van tijd.

Reflectie voor de praktijk
De hamvraag is niet of technologie goed of slecht is. De vraag is: versterkt ze het vakmanschap en de veiligheid, of maskeert ze organisatorische tekorten?
Nieuwe tools kunnen onderhoud veiliger maken, maar alleen als ze ingebed zijn in een doordachte preventieaanpak. Anders gezegd: zonder stevige fundamenten wordt zelfs de slimste technologie een wankele constructie.