
In 2024 sloot de Nederlandse Arbeidsinspectie 2.702 ongevalsonderzoeken af. Daarvan waren 1.990 meldingsplichtig; goed voor 2.001 slachtoffers, onder wie 58 dodelijke. Het zijn geen droge cijfers: achter elk ongeval schuilt menselijk leed, operationele ontregeling en reputatieschade. En het wrange is: veel van die ongevallen hadden voorkomen kunnen worden.
De Monitor Arbeidsongevallen 2024 biedt meer dan statistiek; het is een spiegel voor organisaties. De cijfers tonen waar het structureel fout loopt, maar ook hoe werkgevers kunnen leren van incidenten en een duurzaam veiligheidsbeleid kunnen uitbouwen.
De harde cijfers: vallen blijft koploper
“Vallen” blijft met 35% het meest voorkomende ongevalstype, gevolgd door contact met een arbeidsmiddel of object (31%) en geraakt worden door iets (17%). Blijvend letsel treedt vooral op bij contact met arbeidsmiddelen (59%) en bij brand, explosie of elektriciteit (51%). Dodelijke afloop komt relatief vaak voor bij bedelving of verdrinking (één op drie).

Meldingsplichtige ongevalsonderzoeken in 2024, uitgesplitst naar ongevalstype. Van: Monitor Arbeidsongevallen 2024.
De meeste ongevallen gebeuren in de industrie, bouw, handel en transport. Relatief gezien vallen de meeste slachtoffers in water- en afvalbeheer, gevolgd door bouw, industrie en landbouw. Kleine bedrijven blijven oververtegenwoordigd: zij tellen gemiddeld 55 arbeidsongevallen per 100.000 banen, tegenover 7 bij ondernemingen met meer dan 100 werknemers.

Aantal meldingsplichtige arbeidsongevallen per 100.000 banen per sector in 2024. Van: Monitor Arbeidsongevallen 2024.
De nieuwe aanpak: leren in plaats van straffen
Sinds 2023 werkt de Arbeidsinspectie met een gedifferentieerde ongevalsaanpak. Werkgevers onderzoeken voortaan zelf hun ongeval, inclusief oorzaakanalyse en verbeterplan. De inspectie toetst en controleert.
Een evaluatie in 2024 toont dat 84% van de werkgevers alle maatregelen uitvoerde, en dat 39% zelfs extra acties nam, van technische aanpassingen tot communicatiecampagnes. Dit bevestigt dat eigenaarschap sterker motiveert dan enkel sancties.
Minder voorkomende maar risicovolle ongevallen
De Monitor besteedt bijzondere aandacht aan vier zeldzamere maar ernstige types ongevallen:
-
Contact met vuur, brand, explosie of elektriciteit: 184 gevallen, vaak met blijvend letsel. Vooral in bouw en industrie.
-
Fysiek contact met mens of dier: 193 gevallen, vooral in zorg en openbaar bestuur.
-
Extreme fysieke belasting: 45 gevallen, meestal bij logistieke of onderhoudstaken; vaak veroorzaakt door tillen, duwen of draaien zonder hulpmiddelen.
-
Bedolven onder een (bulk)massa: 28 gevallen, met 8 dodelijke slachtoffers; typisch bij graaf- of opslagwerkzaamheden.
Deze categorieën tonen dat risico’s niet alleen mechanisch of technisch zijn; ook gedrag, organisatie en context spelen een grote rol.
Uitzendkrachten: structureel kwetsbaarder
In 18% van de meldingsplichtige arbeidsongevallen was het slachtoffer een uitzendkracht, terwijl hun aandeel in de werkende populatie slechts 4% bedraagt. In de industrie is dat aandeel zelfs 24%. Bij hen komt “contact met een arbeidsmiddel of object” het vaakst voor; vaak door gebrekkige instructie, taalbarrières of onduidelijke verantwoordelijkheden tussen inlener en uitzendbureau.
Een ongemakkelijke waarheid: de uitzendkracht is nog steeds de kanarie in de koolmijn van arbeidsveiligheid.

Werknemers en uitzendkrachten per hoofdtype arbeidsongeval, 2024. Van: Monitor Arbeidsongevallen 2024.
De Belgische context: vergelijkbare risico’s, andere aanpak
Ook in België zijn de patronen gelijkaardig. De meeste arbeidsongevallen gebeuren in de bouw, industrie, logistiek en afvalverwerking, met vallen als dominante oorzaak. Volgens Fedris leiden jaarlijks meer dan 100.000 arbeidsongevallen tot tijdelijke arbeidsongeschiktheid en meer dan 100 dodelijke slachtoffers. De onderrapportering blijft, net als in Nederland, aanzienlijk.
De meldingsplicht bij een arbeidsongeval is in België vastgelegd in artikel 94ter van de Welzijnswet en in het KB van 27 maart 1998. De werkgever moet elk ongeval met arbeidsongeschiktheid binnen 10 dagen melden aan de externe dienst voor preventie en bescherming op het werk, en ernstige ongevallen onmiddellijk aan de arbeidsinspectie (TWW – Toezicht op het Welzijn op het Werk).
Waar Nederland de nadruk legt op de lerende monitor, zet België vooral in op ongevalsonderzoek door de interne of externe preventiedienst. Toch wordt ook hier steeds vaker gepleit voor een meer systematische “learning from incidents”-aanpak, waarbij niet enkel oorzaken worden vastgesteld, maar ook organisatiegedrag, cultuur en leereffecten in kaart worden gebracht.
Een belangrijk verschil is dat België nog geen jaarlijkse nationale monitor arbeidsongevallen publiceert zoals Nederland dat doet, al worden bij Fedris en FOD WASO wel deelrapporten verzameld per sector en type letsel. Voor preventieadviseurs betekent dit dat de vergelijkende blik over de grens bijzonder nuttig kan zijn: ze toont waar beleid effectief verschil maakt, en waar structurele risico’s hardnekkig blijven terugkeren.
Wat kunnen werkgevers hieruit leren?
1. Maak leren van incidenten structureel. Gebruik ongevalsonderzoeken niet als juridische afhandeling, maar als kans tot organisatieontwikkeling. Analyseer oorzaken systematisch (mens, techniek, organisatie, context) en deel de lessen breed.
2. Bescherm de meest kwetsbaren. Zorg dat uitzendkrachten dezelfde veiligheidsinstructies, opleiding en toezicht krijgen als vaste werknemers. Dit is niet enkel moreel juist, maar wettelijk vereist.
3. Focus op gedrag én systeem. Vallen, struikelen of geraakt worden zijn zelden “domme ongelukken”. Ze signaleren vaak organisatorische tekorten: tijdsdruk, ontbrekende hulpmiddelen of gebrekkige coördinatie.
4. Meet wat telt. Een risicoanalyse is maar zo goed als de opvolging. Koppel veiligheidsindicatoren aan managementdoelen en gebruik meldingsdata om trends vroeg te detecteren.
5. Hou ook oog voor fysieke belasting. De cijfers rond acute overbelasting tonen dat ergonomie niet enkel over bureaus gaat. Ook in productie en logistiek is mensgericht ontwerp cruciaal.
Reflectie: veiligheid als morele reflex
De Monitor Arbeidsongevallen legt bloot dat veel organisaties veiligheid nog te vaak beschouwen als een compliance-thema, niet als een morele reflex. Maar elke ladder, heftruck of elektrische installatie die veilig wordt gebruikt dankzij een les uit het verleden, is bewijs dat leren werkt.
De vraag is niet of ongevallen “nu eenmaal gebeuren”, maar hoeveel we er nog aanvaarden als onvermijdelijk.