Een vrachtwagenchauffeur gleed uit op een oprijplaat, greep zich vast aan een stang en voelde meteen pijn in zijn elleboog. Geen getuige, geen dokter die dag, aangifte pas een week later. Toch erkende het arbeidshof van Luik op 17 april 2026 de onvoorziene gebeurtenis, en de verzekeraar die in beroep was gegaan, verloor mét kosten. Het beslissende bewijsstuk was geen medisch rapport, maar een korte nota die de preventieadviseur de dag na het ongeval had opgesteld. Voor wie in preventie werkt, is dat de meest bruikbare les uit dit dossier: uw eigen notitie, op het juiste moment gemaakt, kan later doorslaggevend worden.

Wat er gebeurde: een uitschuiver zonder getuige en een trage medische opvolging
De chauffeur was op 25 januari 2023 auto’s aan het laden op een vrachtwagen toen hij uitgleed op een stroperige vloeistof op de oprijplaat. Hij ving zichzelf op met de linkerarm en voelde onmiddellijk pijn in de linkerelleboog. Hij belde zijn verantwoordelijke, die hem per sms de contactgegevens van de preventieadviseur bezorgde.
Vervolgens stapelden de zwakke punten zich op, althans in de ogen van de verzekeraar. De chauffeur wachtte tot 29 januari voor hij een arts raadpleegde, omdat hij aanvankelijk alleen wat hinder voelde en dacht dat het vanzelf zou overgaan. Het eerste medische attest sprak niet van een traumatisch letsel, maar van “pijn na een inspanning” in een context van artrose. De werkgever diende de aangifte pas op 2 februari in. De verzekeraar weigerde op 4 mei tussen te komen: geen bewijs van een onvoorziene gebeurtenis.
Waarom de zaak toch standhield: een notitie in tempore non suspecto
De preventieadviseur had op 26 januari 2023, de dag na het ongeval, een korte verklaring opgesteld. Daarin stond dat de chauffeur hem die ochtend had gemeld dat hij de vorige namiddag was gevallen en een arbeidsongeval had gehad, dat het letsel overeenstemde met wat hij meldde, en dat de man nog even wilde afwachten voor hij een arts raadpleegde omdat hij nog geen echte pijn had, alleen hinder.
Die notitie was kort, feitelijk en gedateerd op een moment waarop niemand nog wist dat er een geschil zou komen. Maar juist dat maakte ze zo krachtig. Het hof oordeelde dat de opeenvolgende verklaringen van de chauffeur constant en samenhangend waren over de kern, namelijk dat hij was uitgegleden op de vrachtwagen, en dat de nota van de preventieadviseur die kern bevestigde. Dat de chauffeur pas later toevoegde dat hij zich vastgreep aan de stang, was geen tegenstrijdigheid maar een precisering. Het hof zag geen enkel objectief element dat zijn oprechtheid in twijfel trok.
Wat een sterke nota onderscheidt van een zwakke
De waarde van deze notitie zat in vier eenvoudige feitelijke vaststellingen die samen een tijdlijn verankerden:
- De datum van het ongeval en de datum van de melding, apart genoteerd, zodat het verschil zichtbaar en verklaard is.
- De vaststelling dat het gemelde letsel overeenstemt met de beschreven toedracht.
- De reden voor het uitstel van het doktersbezoek, in de woorden van de medewerker zelf.
- Het feit dat de melding gebeurde vóór er sprake was van enig geschil, wat de notitie haar bewijskracht in tempore non suspecto geeft.
Wat de nota bewust niet deed, is even leerzaam. Ze sprak geen medisch oordeel uit, kwalificeerde niets juridisch en gaf geen mening over de ernst. Ze registreerde enkel wat wanneer werd gemeld, en of dat coherent was. Een preventieadviseur die zich beperkt tot die feitelijke registratie, levert vaak een steviger bewijsstuk dan wie zich waagt aan interpretaties die later aanvechtbaar blijken.
De late aangifte was niet de schuld van de werknemer
Een verzachtende vaststelling die het hof expliciet maakte, verdient aandacht. De verzekeraar wees op de late aangifte, maar het hof merkte op dat de chauffeur niet verantwoordelijk was voor de termijn waarin zijn werkgever de aangifte indiende. De aangifteplicht en de bijhorende termijn rusten op de werkgever, niet op het slachtoffer. Dat een medewerker traag was met de dokter of dat de aangifte laat vertrok, mag niet tegen hem gebruikt worden om de realiteit van het ongeval te ontkennen.
Dat sluit aan bij een breder patroon. Uit een eerder artikel in deze reeks bleek dat verzekeraars betwiste ernstige arbeidsongevallen vaak ten onrechte weigeren, en dat Fedris bij controle een aanzienlijk deel van die dossiers alsnog goedkeurt. Dit arrest toont de tegenhanger aan de bronzijde: een goed gedocumenteerde melding maakt zo’n weigering veel moeilijker houdbaar. De preventieadviseur zit precies op het punt waar dat bewijs ontstaat of verloren gaat.
Een banale beweging blijft een onvoorziene gebeurtenis
Het hof herhaalde tot slot een principe dat in de rechtspraak vaststaat en dat in deze reeks al eerder aan bod kwam naar aanleiding van een uitspraak in Oudenaarde: een gewone, alledaagse beweging tijdens de normale uitvoering van het werk kan een onvoorziene gebeurtenis vormen. Een uitschuiver, een beweging om een val te vermijden, een verkeerde stap: het volstaat dat de gebeurtenis in tijd en ruimte af te bakenen is en het letsel kan hebben veroorzaakt. Een voorbestaande artrose doet daar niets aan af, zolang het ongeval minstens een deeloorzaak van de arbeidsongeschiktheid is.
Voor de praktijk betekent dit dat de reflex om een uitschuiver zonder zichtbaar dramatisch letsel niet te melden, precies verkeerd is. Het zijn net die schijnbaar banale voorvallen die later betwist worden, en waar een tijdige notitie het verschil maakt.
Tot slot
Het arbeidshof erkende de onvoorziene gebeurtenis en bevestigde de aanstelling van een deskundige om de gevolgen te begroten. De erkenning als arbeidsongeval is daarmee nog niet volledig rond, maar de weigering van de verzekeraar is van tafel. De rode draad is dat een korte, feitelijke registratie op het moment van de melding zwaarder kan wegen dan een medisch attest dat pas dagen later volgt. Voor de preventieadviseur is dat een concrete plaats in de bewijsketen.
Hoe legt u vandaag een ongevalmelding vast wanneer er geen zichtbaar letsel en geen getuige is: met een gedateerde feitelijke nota, of vertrouwt u op wat later in de aangifte belandt?
Wekelijks een persoonlijk essay plus het artikeloverzicht in je mailbox? Schrijf je in via onderstaande link.