Even terug is een uitgebreid rapport verschenen van Eurofound, de Europese
Stichting tot verbetering van de levens- en arbeidsomstandigheden. Dit document
omvat een overzicht van de evolutie van de arbeidsmarkten in de Europese Unie
en van de zesde Europese enquête naar de arbeidsomstandigheden. De
belangrijkste bevindingen? Ik geef ze hieronder weer.
groot verlies aan werkgelegenheid. Deze begon zich in 2013 overal in de EU te
herstellen, maar de impact van de crisis op de afzonderlijke lidstaten was
sterk uiteenlopend. Veel van de landen die het zwaarst zijn getroffen, hebben
nog steeds moeite om terug te keren naar de niveaus van vóór de crisis.
verschillende faillissementen en afslankingen. Deze zijn een rechtstreeks
gevolg van de toename in selfservice en online shopping. Het ziet er bovendien
niet naar uit dat deze trend haar maximum impact heeft bereikt.
geleden door besparingen van de overheid, maar in de laatste jaren is dit
volledig gestabiliseerd.
geleden, door fusies en online banking. Hier staan we nog maar aan het begin
van de digitale disruptie.
consultancy, media en horeca.
door verkopers; zij vertegenwoordigen 12 miljoen werknemers. Onderwijzend
personeel (9,7 miljoen) en geschoolde landbouwers (6,5 miljoen) vervolledigen
de top-drie.
en geschoolde landbouwers (-8%), deze daling vindt voornamelijk plaats in Polen
en Roemenië. De percentueel sterkste daling zien we bij verkopers in
groothandel (-14%) en bouwvakkers (-13%).
gezondheidswerkers (+7 %). Percentueel is de sterkste groei bij ICT-professionals
(+39%) en Business en administration professionals (+34%). Deze groepen
vertegenwoordigen wel minder dan 1% van de werknemers in de Europese Unie.
door deeltijdse jobs, voornamelijk in de slechtst betaalde jobs. In de periode
2013-2016 zag men een algemene toename van jobs, maar vaak nog steeds in
deeltijdse functies.
zorgelijke evolutie. Als deze trend wortel schiet, wat waarschijnlijk is, zal
de arbeidsmarkt mogelijk worden verdeeld tussen werknemers die werkzekerheid,
carrièrevooruitzichten en een voltijdverdiencapaciteit genieten, en anderen met
onzekerheid, lage lonen en sociale onbeweeglijkheid.
betaalde jobs zijn consistent toegenomen, zelfs in de crisisperiode. De laagst
betaalde jobs hadden grosso modo weinig verlies, zij het dus wel met de hogervernoemde
verschuiving naar deeltijdse functies. Het was echter voornamelijk de middenmoot
die het hard te verduren kreeg tijdens de crisis, en bij hen zien we slechts een gedeeltelijk herstel.
verwachting de midden-betaalde, bluecollar banen die tijdens de recessie zijn
uitgehold niet terugkeren. Technologie zal al die taken waarschijnlijk wegvagen
met grote hoeveelheden gemakkelijk geautomatiseerde taken, eerst in de
productie, maar al snel ook in de dienstensector.
deze is gemiddeld 10,5%: bij de vrouwen neemt 59,6% actief deel aan de
arbeidsmarkt, bij de mannen 70,1%.
in Finland, Litouwen en Zweden. België staat in de ranglijst met een verschil
van 7,9% op nr. 12. We doen het op dit vlak beter dan Nederland, die op nr. 17
staat.
werk, langer ouderschapsverlof en meer kinderopvang. De impact van dergelijke
maatregelen is het grootst bij vrouwen van 20-44 jaar met een laag
opleidingsniveau.
of training volgen (“Not in Employment, Education or Training”). De
werkloosheid onder jongeren bedroeg eind 2016 18,6%, maar in sommige lidstaten
waren de cijfers nog steeds hoog – meer dan 40% in Griekenland, Italië en
Spanje.
groep omvat jongeren die werkloos zijn door de marktwerking: korte-termijn
werklozen (30%), lange-termijn werklozen (22%), re-entrants (8%) en
ontmoedigden (6%). Een tweede groep omvat jongeren die omwille van sociale of
persoonlijke factoren geen job hebben: familiale verantwoordelijkheden (15%),
ziekte of handicap (7%) en overige (12%). Vooral bij de lange-termijn werklozen
en de ontmoedigden is er risico op een verdere disconnectie van de
arbeidsmarkt.
werkervaring tijdens het onderwijs, een snelle overgang van onderwijs naar werk
en standaard arbeidsovereenkomsten eenmaal dat ze aan het werk zijn. Bredere
educationele interventies en intensievere ondersteuning zijn nodig.
werden minder getroffen door baanverkorting dankzij langetermijncontracten en
arbeidsovereenkomsten voor onbepaalde tijd.
van pensioenstelsels te beschermen, betekent dat ouderen hun verwachtingen met
betrekking tot het einde van het beroepsleven moeten aanpassen. Een exit als
vijftiger om te genieten van een financieel comfortabel pensioen is een steeds
onbereikbaarder droom.
om het werk af te stemmen op de behoeften, capaciteiten en ambities van
werknemers naarmate ze ouder worden, om het duurzamer te maken.
op nationaal niveau, over sociale dumping en welzijnstoerisme. Desalniettemin
blijkt uit tal van onderzoeken, waaronder deze van Eurofound, dat mobiele
werknemers netto bijdragen aan hun gastlanden.
asielzoekers in Oostenrijk, België, Denemarken, Finland, Duitsland, Nederland
en Zweden, maar nog niet in de overige landen. Europa zal op lange termijn
economisch profiteren als de nieuwkomers op de arbeidsmarkt worden geïntegreerd
en helpen om de dalende geboortecijfers te compenseren.
jobgerelateerde factoren die een impact hebben op de duurzaamheid van die job.
een job. Ze omvat werk met ergonomische belasting zoals houding, heffen en
tillen of repetitieve bewegingen, fysische belasting zoals geluid, trillingen
en temperaturen, en chemische of biologische risico’s. Deze hebben alle een
negatieve impact op de duurzaamheid van dat werk.
goed, en staat op een zesde plaats in de EU ranglijst.
werken tegen deadlines, een hoog werkritme en een zware emotionele belasting zijn
minder duurzaam.
scoort beduidend beter en staat op de tweede plaats, achter Denemarken.
evolutie is. Werknemers die 48 uur of meer per week werken (15% van de
werknemers in de EU), hebben meer nadelige gezondheidseffecten.
gedragingen. 71% van de werknemers ervaart ondersteuning van zijn of haar
collega’s. Dit is nog meer uitgesproken in kleine werkplaatsen.
jaar), maar wanneer het optreedt, een hoge impact. Ze worden vaker ondergaan
door vrouwen, en meestal bij service en sales werknemers.
carrière.
financiële sector; minder bij oudere werknemers, en het minst in de transport-
en landbouwsector.
zekerheid om een gelijkaardige job te vinden bij verlies van hun huidige job.
tot win-winresultaten voor zowel werknemers als bedrijven – met andere woorden,
hoge niveaus van welzijn onder werknemers en goede prestaties van het bedrijf.
is van medewerkers om direct deel te nemen aan de besluitvorming, waar ze
kunnen bijdragen aan organisatorische veranderingen. Echter slechts iets meer
dan de helft van de bedrijven maken een hoge mate van werknemersbetrokkenheid
mogelijk.
het voordeel van de beste werkwijzen op de werkplek en meer inspanningen om hen
te ondersteunen zou het concurrentievoordeel van Europese bedrijven in een
mondiale omgeving verbeteren.
in de afgelopen 15 jaar, is het trage tempo van verandering. Natuurlijk is er
vooruitgang geboekt met betrekking tot verschillende individuele aspecten van
arbeidsomstandigheden, maar in 2016 classificeerde Eurofound een vijfde van de
banen als van slechte kwaliteit. Heeft de vooruitgang in arbeidsomstandigheden een
plateau bereikt?
bedrijven om te investeren in aanpassingen in werkomstandigheden. Er is ook
minder controle, door besparingen. Deze evolutie zien we ook, zij het in
mindere mate, in België. Dit is contraproductief op lange termijn, gezien het
kan leiden tot een slechtere gezondheid van de werknemers. Hierdoor zullen zij
in aantal afnemen, wat meer druk legt op de staatsbudgetten.
worden losgelaten, gezien de noodzaak om de werkgelegenheid te vergroten en een
mogelijke pensioencrisis te voorkomen door werknemers in staat te stellen en te
stimuleren om langer te blijven werken.
over werk bovendien steeds vaker ter discussie gesteld. We moeten deze trends
nauwlettend in de gaten houden, om snel te kunnen schakelen en hierbij ook te
blijven waken over duurzame werkgelegenheid en arbeidsomstandigheden voor de
burgers in een digitale economie.

Een reactie achterlaten