
De Nederlandse Gezondheidsraad adviseert om álle houtstof, ook zachthoutstof, te behandelen als kankerverwekkend, en de blootstelling op termijn terug te brengen tot 0,1 milligram per kubieke meter lucht. Dat is twintig keer strenger dan de grenswaarde van 2 mg/m³ die vandaag in de Belgische Codex staat, een waarde die bovendien alleen voor hardhoutstof geldt. Het advies wijzigt op zich niets aan de Belgische regelgeving, maar het is wel het type wetenschappelijke onderbouwing waarop Europese grenswaarden later worden bijgesteld.
Hardhout en zachthout vallen in het advies onder één regime
In de huidige Europese en Belgische regelgeving is alleen hardhoutstof als kankerverwekkend geklasseerd; zachthout valt daarbuiten. Het advies doorbreekt dat onderscheid. Op basis van de gegevens over genotoxiciteit en kankerverwekkendheid van zowel hard- als zachthout besluiten de commissies om alle houtstof als kankerverwekkend te beschouwen.
De praktische reden weegt even zwaar als de toxicologische. In de meeste werkplaatsen wordt met beide houtsoorten door elkaar gewerkt, en de gangbare meetmethodes maken geen onderscheid tussen hard- en zachthoutstof. Een grenswaarde die enkel voor hardhout geldt, is in zo’n omgeving moeilijk werkbaar. Dat het onderscheid wankel was, is geen nieuw inzicht: de Europese richtlijn van 2017 vroeg al om een herbeoordeling ervan, op aanbeveling van SCOEL en het IARC.

Geschatte blootstellings-responsrelaties met behulp van blootstellingscategorieën, een lineair model en een niet-lineair model. Van: Wood dust, p. 126.
De voorgestelde streefwaarde ligt twintig keer onder de Belgische grenswaarde
De commissies baseren zich op de studie van Siew et al (2017), die houtbewerkers in vier Scandinavische landen volgde, en koppelen blootstellingsniveaus aan het risico op nasaal adenocarcinoom (een vorm van neuskanker). Omdat een direct genotoxisch mechanisme meespeelt, gaan ze uit van een risico zonder veilige drempel en drukken ze de advieswaarden uit als extra kankergevallen over een arbeidsleven van veertig jaar:
- 0,1 mg/m³ als streefrisiconiveau, overeenkomend met 4 extra gevallen per 100.000 werknemers;
- 0,8 mg/m³, overeenkomend met 4 extra gevallen per 10.000 werknemers;
- 2,9 mg/m³ als verbodsrisiconiveau, overeenkomend met 4 extra gevallen per 1.000 werknemers.
Alle waarden gelden voor de inhaleerbare fractie, gemeten als achturengemiddelde. Daarmee wordt de positie van de Belgische grenswaarde scherp zichtbaar: 2 mg/m³ ligt dicht bij het niveau dat het advies als bovengrens markeert. Zelfs de Belgische streefwaarde van 0,2 mg/m³ is nog het dubbele van wat de Gezondheidsraad als wenselijk vooropstelt.
Een Nederlands advies, maar de Europese grenswaarde volgt dezelfde wetenschap
De directe juridische werking van het advies is Nederlands en Scandinavisch. De relevantie voor België loopt via Europa. De Belgische grenswaarde voor hardhoutstof komt voort uit de Europese Carcinogenen- en Mutagenenrichtlijn, die het bindende niveau in 2023 op 2 mg/m³ bracht (afgebouwd van eerst 5 en daarna 3 mg/m³). Diezelfde richtlijn wordt periodiek herzien op basis van wetenschappelijk advies, en het werk van de Nordic Expert Group is daarbij een vaste bron. Een advies dat zowel de drempel fors verlaagt als het onderscheid tussen houtsoorten laat vallen, geeft een duidelijke indicatie van de richting waarin een volgende Europese herziening kan gaan.
Wat u nu al kunt nakijken in uw eigen dossier
Een wetswijziging afwachten is niet nodig om de risicoanalyse vandaag al te verfijnen. Concreet:
- Neem in de risicoanalyse ook zachthoutbewerking en gemengde stofstromen mee, en behandel houtstof als kankerverwekkend agens onder Titel 2 van Boek VI van de Codex.
- Meet de inhaleerbare fractie als achturengemiddelde, en toets aan de grenswaarde van 2 mg/m³ én aan de streefwaarde van 0,2 mg/m³.
- Zet in op bronmaatregelen: afzuiging aan de machine, gesloten processen, stofzuigen in plaats van vegen, en extra aandacht voor bewerkte platen zoals MDF, die meer stof genereren.
- Verbind het gezondheidstoezicht expliciet aan klachten van de bovenste luchtwegen, en bespreek de houtstofmetingen per kwartaal in het comité PBW.
- Agendeer houtstof in het jaaractieplan als een structureel dossier dat jaarlijks terugkomt.
Tot slot
Het advies van de Gezondheidsraad verandert vandaag niets aan de Belgische verplichtingen, maar het verschuift de wetenschappelijke onderbouwing waarop die verplichtingen rusten. In dat licht komt de grens van 2 mg/m³ die nu als norm geldt, eerder bij een bovengrens te liggen dan bij een streefdoel. Wie zijn houtstofdossier nu al tegen de voorgestelde waarden legt, weet waar de eigen organisatie staat voordat Europa de cijfers eventueel formeel bijstelt.