Artikel

Gezondheid onder druk – en België verliest het snelst terrein in Europa

België kampt met een zorgwekkende evolutie: nergens in Europa ging de ervaren gezondheid de voorbije tien jaar zo sterk achteruit. Vooral mensen met een lagere scholingsgraad voelen de impact. Volgens het nieuwe rapport Social Inequalities in Health in the EU (EuroHealthNet & CHAIN, 2025) is België een “worst case scenario“: de algemene gezondheid verslechtert én de kloof tussen hoog- en laagopgeleiden wordt groter.

In 2024 gaf bijna één op drie Belgen aan zich in (zeer) slechte gezondheid te bevinden, tegenover 24% tien jaar eerder. Die verslechtering treft vooral wie korter geschoold is: in deze groep steeg het aandeel met slechte gezondheid met 10 procentpunten.

Zelf-gerapporteerde gezondheidsmatrix. België doet het beduidend slecht, vergeleken met 10 jaar geleden. Van: Rapport EuroHealthNet, p. 11.

Achter de cijfers: context bepaalt gezondheid

Dat diploma, inkomen en woonomgeving samenhangen met gezondheid is geen toeval. De sociale determinanten van gezondheid (werk, inkomen, huisvesting, opleidingskansen en sociale steun) wegen zwaarder dan genetica of medische zorg. Slechts 10% van de gezondheidsverschillen in Europa is rechtstreeks toe te schrijven aan gezondheidszorg; de rest ligt in maatschappelijke structuren.

Belgen kampen volgens het rapport vaker met huisvestingsproblemen dan in 2014. Slecht verluchte of vochtige woningen, stress door financiële onzekerheid of beperkte toegang tot zorg creëren een vicieuze cirkel.

De anonieme getuigenis van een jonge moeder bij Welzijnszorg illustreert het scherp: “Onze woning was niet veilig voor mijn dochter, maar de nieuwe omgeving was ongezond door de loodfabriek in de buurt. De stress en het gebrek aan netwerk hakken in op mijn gezondheid.”

Keuzes zijn zelden écht vrij

Een ongezonde levensstijl is zelden enkel een individuele keuze. Wie in armoede leeft, krijgt vaker promoties voor ongezonde voeding voorgeschoteld dan kortingen op groenten. Stoppen met roken vraagt mentale ruimte die onder chronische stress vaak ontbreekt. Gezonde keuzes vragen dus niet enkel motivatie, maar ook mogelijkheden.

Ook op vlak van het ervaren mentaal welzijn gaat België er het sterkst op achteruit. Van: Rapport EuroHealthNet, p. 15.

Wat betekent dit voor beleid en praktijk?

Gezondheidsongelijkheid is geen optelsom van persoonlijke pech, maar een maatschappelijk falen. Ze vraagt een brede aanpak waarin gezondheid niet louter een medische, maar ook een sociale en economische kwestie is. De onderzoekers pleiten voor een “whole of government approach“: samenwerking tussen gezondheid, onderwijs, arbeid, huisvesting en economie.

België heeft volgens EuroHealthNet al initiatieven rond proportioneel universalisme (= universele maatregelen met extra aandacht voor kwetsbare groepen), maar de uitvoering blijft versnipperd. Het rapport stelt dat voorbeelden uit andere landen tonen dat het anders kan:

  • Finland verankert welzijn als beleidsdoel via de “Economy of Wellbeing”-aanpak.

  • Polen voerde een suikertaks in om ongezonde consumptie te beperken (ook al zijn hier best wel wat bedenkingen bij).

  • Griekenland betrekt Roma-vrouwen zelf bij gezondheidsbevordering.

En op de werkvloer?

Gezondheid begint niet pas in de dokterspraktijk, maar op de werkvloer en in de leefomgeving. Bedrijven kunnen bijdragen door:

  • Werkomstandigheden te verbeteren en autonomie te versterken;

  • Gezonde voeding en beweging structureel te ondersteunen;

  • Extra inspanningen te leveren voor medewerkers in kwetsbare situaties;

  • Beleidsbeslissingen te toetsen op hun impact op gezondheid en ongelijkheid.

Samen werken aan recht op gezondheid

Het recht op gezondheid is grondwettelijk verankerd, maar wordt niet gelijk beleefd. De kloof in levensverwachting en gezondheidstoestand is geen natuurwet, maar het resultaat van keuzes; beleidskeuzes, economische keuzes en soms ook ons stilzwijgen.

De vraag is dus niet of gezondheidsongelijkheid bestaat, maar hoeveel ongelijkheid we aanvaardbaar vinden. Misschien is het tijd dat we het gesprek daar beginnen.