Artikel

3-Aminofenol: sterk huidallergeen met mogelijke endocriene effecten

De Europese stoffenautoriteit (ECHA) heeft de evaluatie afgerond van 3-aminofenol, een chemische stof gebruikt in o.a. haarverf, textiel- en lederbehandeling. De Italiaanse gezondheidsautoriteit (ISS) concludeert dat de stof een sterk huidallergeen is en toxische effecten kan veroorzaken bij langdurige blootstelling. Hoewel eerdere vermoedens van mutageniteit niet werden bevestigd, is voorzichtigheid geboden bij professioneel gebruik.

Van twijfel naar duidelijkheid

3-Aminofenol (EC No 209-711-2, CAS No 591-27-5) werd in 2020 opgenomen in het Europese Community Rolling Action Plan (CoRAP) vanwege drie zorgen:

  • mogelijke mutageniteit (DNA-schade);

  • huidsensibilisatie (allergievorming);

  • orgaan-toxiciteit bij herhaalde blootstelling.

Na bijkomende studies (o.a. in vivo-testen bij ratten) kon de mutageniteit worden uitgesloten, maar de twee andere zorgen werden bevestigd. Dat betekent concreet dat het middel een sterk sensibiliserend effect op de huid heeft en bij langdurige inname schade kan veroorzaken aan schildklier, nieren en bloed.

Huidallergie: kleine dosis, groot effect

Uit dierproeven blijkt dat 3-aminofenol al in zeer lage concentraties (EC3-waarde: 0,24%) een allergische reactie uitlokt. Ook klinische studies bij mensen bevestigen dat ongeveer 1% van alle patiënten met eczeem positief reageert op patchtests met deze stof. Dat is hoog voor een contactallergeen.

De stof wordt daarom geherclassificeerd als “Skin Sensitiser 1A”, de zwaarste subcategorie voor huidallergenen. Concreet betekent dit dat mengsels die meer dan 0,1% 3-aminofenol bevatten als sensibiliserend moeten worden geëtiketteerd (H317: Kan een allergische huidreactie veroorzaken).

Het betekent dat ook cosmetica- en textielbedrijven die met kleurstoffen of haarverf werken, hun etikettering en PBM-beleid moeten herzien. Een druppel op de verkeerde plaats kan letterlijk jeuk geven.

Classificatie van 3-Aminofenol. Van: EC/List No. 209-711-2, p. 9.

Schildklier en bloed als doelwit

De stof veroorzaakt in dierproeven veranderingen aan de schildklier (vergrote klier, verhoogde activiteit) en bloedafwijkingen (lichte bloedarmoede, pigmentophoping in milt en nieren). De onderzoekers vermoeden een endocrien werkingsmechanisme, maar dat is nog niet formeel bevestigd.

ECHA stelt voor om 3-aminofenol te classificeren als “STOT-RE categorie 2” (kan schade aan organen veroorzaken bij langdurige of herhaalde blootstelling). Dat klinkt ernstig – en dat is het ook. Vooral in productieomgevingen met herhaald huidcontact of inademing van stofdeeltjes is structurele blootstellingsbeperking nodig.

Wat betekent dit op de werkvloer?

Preventieadviseurs en arbeidsgeneeskundigen doen er goed aan om na te gaan of deze stof of haar derivaten voorkomen in:

  • haarverf- en kleurstoffen (oxidatieve formules);

  • textiel- en lederbehandelingsproducten;

  • mengprocessen waar 3-aminofenol als tussenproduct wordt gebruikt.

Aanbevolen maatregelen:

  1. Substitutie waar mogelijk: alternatieve kleurstoffen zonder aminofenolen.

  2. Gesloten systemen of lokale afzuiging bij formulatie en mengen.

  3. Handschoenen en beschermende kleding bij contactrisico.

  4. Regelmatige huidcontroles bij werknemers in productie of kapsalonomgeving.

Een preventieve vraag om te stellen: Worden onze medewerkers nog blootgesteld aan kleurstoffen waarvan we denken dat ze “veilig genoeg” zijn? De realiteit is dat sommige klassieke stoffen, zoals 3-aminofenol, vandaag onder de loep komen te liggen door nieuwe inzichten in toxiciteit.

Nog geen verbod, wel aandacht vereist

Er is voorlopig geen restrictie of verbod op het gebruik van 3-aminofenol, maar de classificatie zal wel leiden tot aanscherping van etikettering, veiligheidsfiches en grenswaarden. In de toekomst kan ook een REACH-restrictie voor huidallergenen in textiel volgen, wat de stof indirect zou treffen.

Slotbeschouwing

De case van 3-aminofenol illustreert hoe oude stoffen met een lange gebruiksgeschiedenis plots opnieuw in het vizier komen. Het toont ook de kracht van de Europese REACH-evaluaties: geen heksenjacht, wel wetenschappelijke nuchterheid.

Blijf dus alert voor stoffen met een bekende naam maar nieuwe reputatie. Wat gisteren routine leek, kan morgen reden zijn voor bijsturing.